Waar gaat de reis naartoe?

Terug naar lijst

De fijnste week van het jaar is weer begonnen: de Kinderboekenweek! Dit jaar gaan we op reis met verhalen. De stoerste en leuke voertuigen komen voorbij. De redactie van Leesfeest zet hun favoriete boeken over reizen – met bijvoorbeeld treinen, kraanwagens, boten en tijdmachines – voor je op een rijtje.

Hoor je het avonturenlied al? Het komt van het schip de Nachtkaper. Eerst zachtjes, zodat je de tekst niet kan verstaan, en dan steeds luider. Ik kan mezelf niet meer bedwingen, ik moet ook mee op dit schip! In ‘Het raadsel van de zee’ van Jonne Kramer lees je over de Nachtkaper, het vervloekte schip van zeerover Bank. Wie erop gaat, komt er niet meer vanaf. Maar dat maakt mij niet uit. Want nu ga ik mee op reis met Ravian en zijn meeuw Marvin. Ze zijn op zoek naar Ravians vader, Lasse. Die is op een dag niet meer thuisgekomen. Met de knappe Kars aan Ravians zijde is die vloek gelukkig iets minder erg. Ondertussen fluistert de zee raadsels en nadert de monsterkwal van Portugal... Dit wordt een spannende reis!
Kelly.
De zieke Thomas kan niet meer lopen en ligt altijd in bed. Net als hij bedroefd bedenkt dat hij zijn nieuwe vishengel misschien nooit kan gebruiken, krijgt hij bezoek van Meneer Rozenstaf. Die neemt hem mee naar Schemerland, een wonderlijke wereld waar alles mogelijk lijkt. Hier bestellen beren priklimonade en rijden trams over het water. Thomas plukt snoepjes uit bomen, bestuurt een bus en gaat op bezoek bij de koning. Elke avond als de zon ondergaat tikt meneer Rozenstaf op het raam en vliegen ze samen het avontuur tegemoet.  In Schemerlandvan Astrid Lindgren is een betoverend prentenboek over de reizen die je kan maken in je hoofd.

Maud.

Een piloot stort met zijn vliegtuig neer in een woestijn. Daar ontmoet hij de kleine prins, die door het heelal reist. Hoe? Dat blijft het in hele verhaal een mysterie! In ‘Het wonderlijke verhaal van de kleine prins’ van Tiny Fisscher reis je mee door het heelal en langs heel verschillende mensen. Het is geen boek om doorheen te vliegen. Geniet er langzaam van, lees het misschien wel twee, drie of tien keer. Je hoeft het verhaal niet na één keer te begrijpen en eigenlijk na tien keer ook nog niet. Even geen zin om te lezen? Reis dan door het verhaal dat de kleurrijke illustraties van Mark Janssen vertellen. Stuk voor stuk kunstwerkjes!

Karine.

Ik zou dolgraag een ritje willen maken met de Zweinsteinexpres uit Harry Potter van J.K. Rowling. Door de muur gaan tussen perron 9 en 10 om op perron 9 ¾ te komen, dat is al een ervaring op zich. In de trein kijk ik vast mijn ogen uit met al die tovenaars om me heen, een compleet andere wereld. Het is dan natuurlijk wachten op het karretje met alle lekkernijen, wat de treinreis pas echt tot een feestje zal maken. En dan moet het schooljaar op Zweinstein zelfs nog maar beginnen! Ik hoop dat de trein nog niet vertrokken is. Anders zal ik met de vliegende auto van de Wemels moeten gaan…
Suzan.
Het prentenboek ‘Johanna in de trein’ begint met twee handen en een leeg vel tekenpapier. Op de volgende pagina tekenen de handen een trein. De tekenaar vraagt zich af of dit al een verhaal is? Maar het verhaal begint als biggetje in gesprek gaat met de tekenaar. Ze vraagt hoe ze heet. Ze krijgt geen antwoord. Biggetje vraagt het aan geit, die ook in de trein zit. Ze besluiten dat het biggetje Johanna heet. En dat verklaart de titel van het grappige prentenboek ‘Johanna in de trein’ van Kathrin Schärer. Johanna beleeft een avontuur en ze ziet andere reizigers met hun eigen verhaal. En als Johanna het te spannend vindt, vraagt ze de tekenaar gewoon om iets anders te tekenen.

Loes.

Je kan op reis gaan met verschillende voertuigen: met een scooter, een raceauto of een vliegtuig. Je zou ook een wedstrijdje kunnen doen wie het hardst gaat. De gebeurt in Gewonnen. In dit boek zie je Emma op een driewieler, Tess in een jeep en Louis in een bloemetjesbus. Allemaal willen ze winnen. Op iedere bladzijde zie je ook nog een stukje van het voertuig van de vorige pagina. Alle kinderen gaan helemaal op in de wedstrijd die ze hebben bedacht. Ruth Wielockx schreef de tekst, die steeds maar uit een korte zin bestaat. Ook maakte zij de tekeningen waarin veel vrolijke kleuren worden gebruikt.

Ingrid vd H.

Reis mee naar één van de meest bijzondere bestemmingen uit de geschiedenis: de maan. De kleine muis in het prachtige prentenboek Armstrong is vastbesloten om aan zijn soortgenoten te bewijzen dat de maan niet van kaas, maar van steen is. Zijn spectaculaire expeditie, die niet zonder tegenslag of gevaar is, is schitterend vastgelegd in de levensechte illustraties van Torben Kuhlmann. Verder vind je achterin het boek informatie over de wetenschappers wiens ideeën belangrijk zijn geweest voor de ruimtereis, over de eerste testvluchten en over de astronauten van de Apollo 11 die – dit jaar precies 60 jaar geleden – voet op de maan zetten. Ook nog eens super interessant dus!

Anne.

Houd jij ook zo van varen? Met de wind door je haren, scheurend over het water? Kapitein Kees en zijn cavia Hector en hond Bas wel. Onderweg ontmoeten ze Sep, een prachtig meisje met rode haren, en de gekke mevrouw Kooistra. Het is een feest om de avontuurlijke overtocht van de vrienden te volgen – want er gaat van alles mis! Cavia Hector belandt zelfs even in het water… Oeps! Kapitein Kees van Anke Kranendonk is een spannend, grappig en innemend verhaal over hoe bijzonder de meest gewone dagen eigenlijk kunnen zijn. Ga jij mee varen met Kees, Hector en Bas?
Lizan.
Het nadenken over de mogelijkheid dat parallelle werelden bestaan en dat je daartussen kunt reizen, bezorgde me als puber een duizelingwekkend gevoel. Zoals je je nietig kunt voelen als je naar de sterren kijkt en nadenkt over de oneindigheid van het heelal. Zou het echt waar zijn, dat er een andere dimensie bestaat? ‘De torens van februari’ van Tonke Dragt is wat dat betreft zeer overtuigend. Wat heb ik gepuzzeld om achter het geheime woord te komen om naar die andere wereld te kunnen reizen! Zonder dat te willen overigens: er was toen geen enkel ander boek dat me met zo’n beklemmend gevoel achterliet…
Juulke.
In ‘Pluk van de Petteflet’ van Annie M.G. Schmidt heeft Pluk een klein rood kraanwagentje. Hij rijdt ermee door de hele stad. Het kraanwagentje komt goed van pas: Pluk probeert een duizelig eekhoorntje uit een hoge boom te redden en hij trekt er een paard mee uit de sloot. En niet zomaar een paard: Langhors is het langste paard (‘peerd’) van de wereld. Als er veel mensen tegelijk op hem willen rijden, moeten er wieltjes onder zijn buik zodat hij niet dóórbuigt. Waarop zou jij het liefst een ritje willen maken, op het kraanwagentje van Pluk of op Langhors’ rug?

Eefje.

Dolf Wega is een geluksvogel. Hij mag zomaar als proefkonijn per materie-transmitter naar de Middeleeuwen reizen.
Wow! Reizen door de tijd! Wat zou je graag met Dolf meegaan naar 1212! Stel je voor: je kunt prachtige oude steden van dichtbij bekijken, met hun kathedralen, stadswallen en poorten nog volledig intact. Je trekt door schitterende landschappen, ongerept, schilderachtig, je ziet heuvels met stoere burchten, schone rivieren, stille uitgestrekte bossen… het moet een prachtige tocht zijn!
Zo’n fantastische tijdmachine bestaat helaas alleen in Kruistocht in spijkerbroekvan Thea Beckman. Gelukkig maar dat je op papier wel met Dolf kunt reizen door het Europa van 1212.
Lidewij.
Mevrouw Das wandelt elke zondag naar boven op de berg. Daar heeft ze alleen een goede wandelstok voor nodig. Onderweg plukt ze paddenstoelen en soms neemt ze iets mee voor haar schattenplankje thuis. Mevrouw Das wandelt altijd alleen, totdat ze Kiki de kat tegenkomt. Kiki wil ook wel eens naar helemaal boven op de berg. De eerste keer is dat best zwaar, maar met de raad van Mevrouw Das lukt het. ‘Boven op de berg’ van Marianne Dubuc is een rustig en warm verhaal over vriendschap, je eigen pad kiezen en het plezier van met aandacht om je heen kijken.

Rozemarijn.

Eén van de leukste boeken over (tijd)reizen vind ik ‘Dr. Proktors teletijdtobbe’ van Jo Nesbo. Dokter Proktor is een verstrooide professor en uitvinder van de gekste dingen. Samen met zijn buurmeisje Lise en buurjongen Bulle beleeft hij knotsgekke avonturen. In ‘Dr. Proktors teletijdtobbe’ moeten Bulle en Lise naar Parijs om de uitvinder te redden. Hij heeft zijn tijdreismachine weer aan de praat gekregen (de teletijdtobbe), maar er is iets misgegaan. Het wordt een avontuur om nooit te vergeten. Ze ontmoeten beroemde historische figuren, komen in spannende situaties terecht en tussendoor is er heel veel te lachen.
Mirjam.
.
.