Van Mallory Towers tot Zweinstein. Kostscholen in kinderboeken

Terug naar lijst

Ver van huis. Strenge leraren. Uniformen. Blijven slapen op school. Heimwee. Maar ook: nieuwe vrienden en vriendinnen. Kussengevechten. Spannende avonturen. Niet voor niets spelen veel kinder- en jeugdboeken zich af op een kostschool. Op welke zou jij een kijkje willen nemen?

De misschien wel bekendste kostschoolboeken zijn geschreven door de Engelse schrijfster Enyd Blyton. In ‘De dolle tweeling naar kostschool’ worden de verwaande Pat en An (14) naar een strenge kostschool gestuurd. Ze nemen zich voor alles aan Clarence House afschuwelijk te vinden. Maar dat loopt anders... Blyton schreef ook een serie over het meisje ‘Pitty’ (12) dat naar kostschool gaat. Op Malory Towers haalt ze allerlei streken uit met haar vriendinnen. Deze zoete meisjesboeken verschenen in de jaren veertig van de vorige eeuw. Dat merk je vooral aan de wijze les die in de verhalen verwerkt zit. Zo leert Pitty hard te werken voor goede cijfers en haar driftbuien te beteugelen.

In de ‘Mulberry House’-serie van Kristien Groenhart moet Marjolein naar een Engelse kostschool. Ze moet erg wennen aan het (lelijke!) uniform, het constante Engels spreken, de vreemde sporten (cricket) en aan alle regels. Het leuke aan deze boeken is dat de hoofdpersoon een Nederlands meisje is. Hierdoor kun je extra goed meeleven met Marjoleins onwennigheid te midden van alle Engelse gewoonten en regels.

In de serie ‘Sterren van morgen’ beschrijven vier Nederlandse schrijvers (Hans van de Beek, Judith Eiselin, Nicolien Mizee en Jet Steinz) het leven van vier Nederlandse leerlingen op Mortimer Mansion in het Engelse Cornwall. Elke schrijver schrijft over een eigen personage: Louise (die eigenlijk Wendelmoed heet), Max, Wollebrandt en Saar. Bij de serie hoort ook een website, waar je een quiz kunt maken om te zien welk type je bent.

De meest beroemde kostschool uit de jeugdliteratuur is waarschijnlijk Zweinstein uit de boeken van J.K. Rowling. In de serie over ‘Harry Potter’ en zijn vrienden op Zweinstein alles over toverspreuken, fabeldieren en zwarte kunsten. Geesten zweven er door de gangen, de mensen op de portretten kunnen praten en een betoverde hoed bepaalt bij welke afdeling de leerlingen worden ingedeeld. Maar het is er ook gevaarlijk: op de zolder huist een reusachtige hond met drie koppen, in het bos rondom de school leven de griezeligste wezens en niet alle leraren zijn te vertrouwen… Eén ding is zeker: op deze kostschool hoef je je nooit te vervelen!

Ook op ‘Grieselstate’, de kostschool waar David Eliot naartoe wordt gestuurd, gebeuren vreemde en soms onheilspellende dingen. Al snel blijkt waarom: het is een heksenacademie! Eerst wil David alleen maar ontsnappen, maar hij verandert van gedachten als hij beseft dat hij hier vast kan leren hoe hij zijn afschuwelijke ouders een lesje kan leren... Anthony Horowitz schreef meerdere delen over Davids spannende en grappige avonturen op Grieselstate.

De Amerikaanse Calypso (14) zit op een strenge Engelse kostschool. Tijdens een wedstrijd schermen, leert ze de Engelse kroonprins kennen. Als hij haar een berichtje stuurt, willen de populaire meiden ineens bevriend met haar zijn. Maar wat wil Calypso zelf eigenlijk? ‘Hoe versier ik een prins?’ van Tyne O’Connell is een vrolijke chicklit over verliefd worden en jezelf durven zijn.

Jenny is van school gestuurd. Op Waverly Academy, een elitaire kostschool in New York, wil ze opnieuw beginnen: daar wil ze een Nieuwe Jenny zijn, de ‘it-girl’ van de school. Maar al snel laat haar kamergenote haar opdraaien voor iets wat ze helemaal niet heeft gedaan… ‘De it-girl’-serie van Cecily von Ziegesar leest bijna als een roddelblad vol glitter en glamour, schone schijn en geheimen – zelfs van de leraren. Dat maakt Waverly Academy vooral tot een leuke plek om over te lezen, niet om er te wonen, want kun je wel vriendschappen sluiten op een kostschool waar iedereen zich anders voordoet dan hij is?

Van de ene dag op de andere moet Emma naar een ‘ijselijk strenge’ kostschool. Omdat haar zus ziek is. Wat haar precies mankeert, dat weet Emma niet. Op kostschool maken strenge nonnen de dienst uit. Emma ligt er op een slaapzaal met tachtig ‘chambrettes’, kleine hokjes met gordijnen eromheen. Al snel wordt Emma opgenomen in het groepje van Bie en haar vriendinnen. ’s Nachts verstoppen ze zich in de bezemkast. Daar wordt Emma ingewijd in de duizenden geheimen die op de kostschool rondzingen – en daarbuiten. Als ze beseft wat er met haar zus aan de hand is, wil ze nog maar één ding: naar huis, om haar zus te helpen. Maar daarvoor moet ze eerst van kostschool gestuurd worden... ‘Kwaad bloed’ van Marita de Sterck is een prachtige historische jeugdroman over ver van huis volwassen worden.

Miles is toe aan verandering en schrijft zich in voor een kostschool, dezelfde als waar zijn vader naartoe is geweest. Al snel maakt hij nieuwe vrienden en hij wordt verliefd op het bijzondere meisje Alaska. Als Alaska een ongeluk krijgt, gaat Miles op zoek naar antwoorden. Maar kun je iemand ooit wel helemaal kennen, zelfs al hield je van haar? ‘Het grote misschien (Looking for Alaska)’ van John Green is een ontroerende en humoristische Young Adult-roman over eerste keren, loslaten en ontdekken wie je wilt zijn.

In ‘Kersenbloed’ beschrijft Floortje Zwigtman een kostschool vol duistere geheimen. Het verhaal speelt zich af in 1880, in Engeland. Vincent wordt door zijn ouders naar het strenge Elm College gestuurd, een kostschool voor jongens. Daar gebeuren dingen die het daglicht niet kunnen verdragen en die Vincent voor altijd zullen veranderen. Een beklemmende jeugdroman over de schaduwkant van het opgroeien op een kostschool, zonder ouders die je kunnen beschermen.

Eefje.

.
.