Lentekriebels!

Terug naar lijst

Het is zover: de lente begint! Nou ja, de astronomische lente dan (om even een moeilijk woord te gebruiken!). De redactieleden van Leesfeest hebben er zin in. We kunnen straks weer lekker buiten in de zon lezen, met een koud glas limonade erbij. Met welke boeken we in het gras gaan lummelen? Dat lees je in deze special!

Een geheime tuin, waar al tien jaar niemand geweest is… Vanaf het moment dat het weesmeisje Mary over deze verborgen tuin hoort, gaat ze op zoek naar de sleutel, met hulp van een eigenwijs roodborstje. Op een nacht hoort ze in het grote huis waar ze woont iemand huilen. En dan ontdekt ze een nog groter geheim… ‘De geheime tuin’ van Frances Hodgson Burnett is het ultieme boek voor de lente: een wereldberoemd verhaal over vriendschap, natuur en de magie van alles wat leeft. Ga samen met Mary de geheime tuin binnen en laat je betoveren.
Eefje.
Iek! Wat kriebelt er nu op je arm? En – bzzz – wat hoor je daar? Als de zon weer gaat schijnen, komen ook al die kleine kriebelbeestjes naar buiten. In Kek iz tak?van Carson Ellis vinden twee van die beestjes een groen sprietje. Als dat uitgroeit tot een ‘skitternd repelksteel’ zijn ze dolgelukkig, tot er een onverwachte gast op het kasteel komt… Met dit vrolijke prentenboek kun je je alvast samen met Ellis’ schattige insecten verheugen op de lente. Laat je vermaken door het grappige fantasietaaltje en geniet van de prachtige, gedetailleerde afbeeldingen. En wees voorzichtig als je straks het eerste bloemetje ziet, want misschien is het wel een repelksteel!

Anne.

‘Zoen me tot ik spin’… Alleen van de titel en het omslag gaat je buik al kriebelen. En dat kriebelen gaat onverminderd door als je het boekje openslaat en de gedichten leest. Ze voelen als de eerste zonnestralen in de lente. De achttien gedichten van evenzoveel dichters zijn lief, soms grappig, soms ontroerend. De prachtige illustraties van Wolf Erlbruch van zoenende, dansende en knuffelende dieren barsten van de liefdesenergie en lijken haast van de pagina’s te spatten. Je kunt van dit boekje niet anders dan blij en verliefd worden. Laat de lente maar komen!!!
Yvonne.

Je zou niet denken dat een broedse kip zoveel levens kan veranderen. Maar wel dus. Tenminste, in ‘Evi, Nick en ik’ van Anna Woltz. Het is zomervakantie en Flora heeft zich ontzettend verheugd op het tuinieren met haar vader. Dan hoeft ze niet zoveel te praten met anderen en kan ze lekker werken. Maar dan steelt ze een ontsnapte kip en verandert alles! Ze wordt opgezadeld met Evi, het overbuurmeisje met een koninginnenstem dat alleen maar ruzie maakt met haar vader, en samen worden ze gered door Nick uit groep acht. Nieuwe vriendschappen, nieuwe liefde, een nieuwe stiefmoeder, en dan worden er ook nog kuikens geboren. Als je hier geen lentekriebels van krijgt…
Kelly.

In Beer is op Vlinder’ doet Beer zijn uiterste best om indruk te maken op Vlinder. Hij schildert op iedere boom een hartje, maar Vlinder vindt dit maar geklieder. Hij bouwt een huis voor Vlinder en breit een warme jas voor haar. Maar Vlinder snapt nog steeds niet dat Beer verliefd is op haar. Op het einde doet Beer iets waardoor Vlinder eindelijk begrijpt wat hij bedoelt. De tekst en tekeningen zijn gemaakt door Annemarie van Haeringen. Beer is getekend als donker stevig dier, terwijl Vlinder juiste luchtig en vederlicht is weergegeven. Die tegenstelling maakt het verhaal zo bijzonder.
Ingrid van der H.
Waar heeft de lente zich al die tijd verstopt? Je was bijna vergeten hoe fijn het is om de zon weer op je gezicht te voelen schijnen en een lentebriesje door je haar te voelen waaien. Naar buiten! Zonder jas! Binnen zitten bewaar je maar weer voor de winter! Jubelientje is nooit een stilzitter geweest. Ze zit boordevol grappige ideeën en onverwachte vondsten. In ‘Jubelientje wordt wild’ van Hans Hagen zorgt ze ervoor dat ze zich geen moment verveelt. De springerige tekeningen van Philip Hopman passen precies bij de eigenwijze Jubelientje. Neem dit boek mee naar buiten en word wild!
Juulke.
Een van mijn allerliefste lievelingsboeken is ‘Anne van het groene huis’ van L.M. Montgomery. Deze klassieker is al vele jaren oud (uit 1908!) maar hoofdpersoon Anne Shirley straalt, sprankelt en schittert als geen ander. Anne is een wees die ‘per ongeluk’ geadopteerd wordt door een strenge broer en zus. Zij willen eigenlijk een jongetje, maar krijgen een meisje dat aan een stuk door dagdroomt en graag met dansende zinnen spreekt. Binnen no time steelt Anne hun hart. Anne Shirley dwaalt door de bossen van Canada, terwijl ze allerlei avonturen meemaakt. Mét haar mooie hoed met eigen gemaakte bloemenkrans erop. Kom maar op met die lentekriebels!
Lizan.
Van ‘Konijnentango’ krijg ik nou echt lentekriebels. Het is een van de meest bijzondere prentenboeken die ik ken. Tekstloos en op twee manieren te lezen. Je ziet twee konijnen die aan de waterkant de tango dansen. Dit lijkt in het water weerspiegeld te worden, maar kijk eens goed! De weerspiegeling is nét anders en vertelt een heel eigen verhaal. Dus als je het boek uit hebt, draai je het om en begin je opnieuw. Heel knap getekend door Ingrid en Dieter Schubert en briljant bedacht door Daan Remmerts de Vries. Verliefdheid, vrolijkheid, de hele dag door dansen, mooie natuur… Lentekriebels van top tot teen! Wat dit boek extra leuk maakt: ik heb zelf twee konijnen. Tijdens het bewonderen van dit prentenboek, fantaseer ik dat het mijn eigen konijnen zijn die de tango met elkaar dansen!
Karine.

‘Een nieuwe lente en een nieuw geluid,’ dichtte meneer Gorter in 1889. Gedichten passen bij het voorjaar. ‘Zullen we een bos beginnen’ van Jaap Robben en Benjamin Leroy is daarom een prima boek om lentekriebels van te krijgen. Je leest bijvoorbeeld het gedicht over twee bomen die naast elkaar staan: En als ze ’s avonds / door de wimpers / van hun twijgen / naar elkaar kijken / beginnen ze al / op een bos te lijken.
Een piepklein bos dus, dat uit maar twee bomen bestaat. Je moet ergens beginnen. De lente is een heerlijk nieuw begin van alles.
Lidewij.

‘Over een kleine mol die wil weten wie er op zijn kop gepoept heeft’ van Werner Holzwarth en Wolf Erlbruch blijft een klassieker. Iedere keer als ik het boek tegenkom in een boekhandel verschijnt er een glimlach op mijn gezicht. Hoe kan het ook anders, met zo’n heerlijke prent op het omslag. De mol gaat verschillende dieren langs om erachter te komen wie er op zijn kop gepoept heeft. Elk dier bewijst met zijn eigen gelegde drollen dat hij het niet is geweest, tot een paar vliegen hem helpen om de echte dader te ontmaskeren. De mol neemt op geweldige wijze wraak. Dit originele verhaal wordt deels verteld door de mooie en humoristische tekeningen van alle dieren, waardoor bij mij direct de lentekriebels beginnen.
Naomi.
Lentekriebels krijg je direct als je begint in Verdermeer’ van Tahereh Mafi en kennismaakt met Alice Alexis Koningsdauw. Zij danst graag en laat daarbij haar armbanden rinkelen en haar rokken bewegen. Met Alice betreed je het magische Ferenwoud, waar alles om kleuren draait. Die sprankelen bijna van de bladzijden af. En het zijn juist kleuren die Alice zo graag wil hebben: zij is namelijk helemaal wit. Daarbovenop is haar vader al een tijd weg. Alice gaat hem zoeken samen met Olivier, haar minst favoriete persoon, in het onvoorspelbare Verdermeer. Daar gaat alles anders. Het beste kun je je dan ook gewoon helemaal overgeven aan dit betoverende boek.
Suzan.

Ik krijg lentekriebels van het boek Iep!van Joke van Leeuwen. Warre vindt op een dag tijdens het vogel spotten een wel heel bijzonder vogeltje. Of is het een meisje? Of toch een vogeltje? Hij neemt het vogelmeisje (of meisjesvogeltje) mee naar zijn vrouw Tine en samen besluiten ze het te houden. Ze noemen haar Vogeltje, maar omdat Vogeltje zoveel ‘iep’ zegt, wordt het al snel Vliegeltje. Ze geven Vliegeltje ‘bieterhiemetjes miet pindiekies’ en trekken haar een jasje aan en schoentjes. Maar Vliegeltje heeft vleugeltjes en die willen graag fladderen…  ‘Iep!’ is en blijft mijn lievelingsboek, zowel in de lente als de zomer, de herfst en de winter.
Fannie.

.
.