Hé, vuurtoren!

Terug naar lijst

Het is niet altijd leuk om er wat anders uit te zien dan andere kinderen. Als je een bril hebt of flaporen, dikke billen of een puist op je neus, zijn er vaak stommelingen die het grappig vinden om je daarmee te plagen.
O wee als je rode haren hebt. ‘Hé vuurtoren!’ roepen ze dan. Of ‘stoplicht!’ Terwijl jij je – met je rode haar – juist in heel goed gezelschap bevindt. Mensen met rode haren hebben vaak de beste rollen in kinderboeken. Let maar op:

Ken je bijvoorbeeld het meisje Stiekel? Zij komt als nieuwe leerling in de klas van Floris en ze valt niet alleen op door haar vuurrode haren. Ze is klein en ze is voor helemaal niemand bang. Ook niet voor die vervelende Arjan.
Met een brede grijns op haar sproeterige gezicht keek het meisje de klas rond. Haar ogen twinkelden. Ze trok zich zo te zien niets aan van alle nieuwsgierige blikken en opengevallen monden.
Stiekel is een heldin. Ze dendert door het boek ‘Vlo en Stiekel’ heen, weet Arjan op zijn nummer te zetten én ze laat Floris inzien dat hij van zich af moet bijten als hij niet meer gepest wil worden. Zat Stiekel maar bij jou in de klas!
Stiekel kon wel een nichtje zijn van dat andere stoere meisje met haar rode vlechten: Pippi Langkous.
Ze was het vreemdste meisje dat Tommy en Anneke ooit hadden gezien. (…) Haar haar had dezelfde kleur als een wortel en was gevlochten in twee stijve vlechtjes, die recht van haar hoofd afstonden.
Met een buurmeisje als Pippi hoef je je nooit meer te vervelen. Pippi woont in Villa Kakelbont, samen met haar aapje en haar paard. Ze heeft een koffer vol gouden tientjes onder haar bed, ze hoeft nooit naar school en niemand kan haar dwingen levertraan te nemen als ze liever toffees heeft. Bovendien is ze het sterkste meisje van de wereld. Je zou onmiddellijk met Pippi willen ruilen. Of niet?
Een heel ander bijzonder roodharig meisje is de Rode Prinses. Niemand van het volk heeft haar ooit gezien, want tot haar twaalfde verjaardag was ze achter de muren van het Wiite-Torenpaleis opgegroeid.
Vandaag zou ze voor het eerst buiten de muur komen, met een nieuwe strik in haar rode haren en een nieuw gemaakte feestjapon van schitterend karmozijn.
Maar dan gebeurt er iets verschrikkelijks: drie woeste rovers overvallen de koets en ontvoeren de Rode Prinses hotsebotsend tot achter de horizon. Verschrikkelijk? De Prinses vindt van niet. Ze vindt het een avontuur! Ze zingt luidkeels mee met de rovers:
Hop!
De rooie rooie rooie
is heden onze buit
en levert ons een mooie
een mooie mooie duit
op!

Het is veel spannender om de rooie buit van de rovers te zijn dan de Rode Prinses in een saai paleis!
Zijn er in boeken alleen maar meisjes met rood haar? Je zou het bijna denken, maar dan ken je de familie Wemel nog niet. Ron Wemel is de beste vriend van Harry Potter.
Harry draaide zich haastig om een zag een mollige vrouw en vier jongens, stuk voor stuk met vuurrood haar. Ze hadden ook alle vier een karretje met net zo’n hutkoffer als Harry.
De familie Wemel is een oude tovenaarsfamilie. Goed, Ma Wemel heeft ergens een achterneef die boekhouder is, maar daar wordt verder niet over gesproken. Het wemelt in de Harry Potterboeken van de Wemels: Bill, Charlie, Percy, Fred, George, Ron en hun zusje Ginny hebben allemaal rood haar.
Een heuse held met rode haren is Frans de Rode, in het dagelijks leven ook wel meester Frans van der Steg.
‘Voor een kleurenblinde zou uw haar net zo goed groen kunnen zijn,’ sprak de heer Thomtidom. ‘Maar ik vind het een mooi rood. Echt donker rood… niet die peenkleur.’
Een stoplicht springt van rood op groen, maar kan dat bij haren ook? Vaststaat dat Frans de Rode het zevende lid wordt van het Complot van De Zevensprong, mede dankzij zijn rode haardos. Maar kan zijn haar ook groen worden?

Rode haren zijn prachtig. Niks ‘vuurtoren’, je bent juist heel bijzonder. Misschien speel jij ook nog eens een rol in een spannend boek!

Lidewij.

 

.
.