Uit het schrijversleven van...Sanne Rooseboom

Terug naar lijst
 

Deuren

Jaren geleden wilde ik heel graag schrijver worden. Ik schreef een verhaal, over drie kinderen die stiekem mensen hielpen, maar dat maakte ik alsmaar niet af. Ik herschreef het en herschreef het tot ik er bijna geen zin meer in had. Ondertussen werkte ik bij een radiostation en maakte samen met een presentator een ochtendshow. Dat was hard werken, want we waren samen de redactie en stonden elke ochtend om half zeven de kranten door te spitten en de muziek uit te zoeken. Na een half jaar vertelde de eigenaar van het radiostation dat de show stopte. Ik stond naast de presentator en we keken samen hoe de zon opkwam (want de studio zat hoog in een flatgebouw). Ik baalde ontzettend. Zo hard gewerkt en nu stopte ons programma! Ik ging vast nooit meer een andere baan vinden. En dat boek zou er natuurlijk ook nooit komen. Alles ging vanaf nu alleen nog maar mis, dat wist ik zeker. Naast me ademde de presentator diep in en zei met een zachte stem: ‘Ach, waar er één deur dichtgaat, gaat er een andere open!’
Ik geloofde mijn oren niet. ‘Dat is onzin!’ riep ik. ‘Als er één deur dichtgaat, dan slaan alle deuren dicht, dan was het vast de laatste deur, dan komen je vingers ertussen!’
Maar hij glimlachte naar me en zei dat dit een kans was en dat alles goed zou komen.
Ik gromde alleen.
In de auto naar huis dacht ik: stel je toch voor dat iedereen altijd zo vrolijk op alles reageerde als de presentator? Er zijn best veel mensen die dolgraag zeggen dat alles goed komt, of dat je kunt kiezen voor geluk en ik vind ze altijd eventjes stom. Maar wat zou het een leuk sprookje zijn, dacht ik. Eenmaal thuis begon ik te schrijven. Over een humeurige prinses in een land waar iedereen áltijd vrolijk was. En het buurland, Grom, waar ze er juist vanuit gingen dat alles mis zou gaan. Ik had er zoveel plezier in, dat ik maanden achter elkaar doorschreef, totdat ik het humeurige sprookje af had. Ik had de smaak zo te pakken dat ik ook het verhaal over de drie kinderen die stiekem mensen hielpen, afmaakte. Toen had ik twee manuscripten. Ik stuurde ze naar een uitgever en die vond allebei de verhalen zo leuk dat ze er boeken van heeft gemaakt met prachtige tekeningen erin. En zo werd ik kinderboekenschrijver. De presentator heeft het boek gelezen en moest er gelukkig om lachen. En ergens heeft hij gelijk gehad, moet ik mopperend toegeven. Want toen het radioprogramma stopte, ging er tóch een deur open: een sprookjesdeur. 

Sanne Rooseboom.

.
.