Uit het schrijversleven van...Nicolle Christiaanse

Terug naar lijst
 

Pas op, schrijfster in de buurt!

Vanachter mijn bureau kijk ik door het open raam naar buiten. De zon schijnt, het is warm. De bomen en planten zijn groen. De kat zit onder een struik naar een vlinder te loeren. Vogeltjes zingen en in de verte loeit een koe. Mijn pony’s kijken over het hek. Ze hopen dat ik naar buiten kom.
De honden liggen binnen, vlakbij me. De een slaapt, de ander staart me hoopvol aan met zijn bal tussen zijn voorpoten.
En ik? Ik denk na over de volgende zin die ik ga schrijven over de kinderen en paarden van de Bleshof. Bij hen is het winter. Ze maken een bosrit en het begint plotseling heftig te sneeuwen. In mijn dikke vest bibber ik van de kou, zo hard leef ik met ze mee.
Regel voor regel verschijnt het verhaal op mijn computerscherm. Zodra de kinderen en paarden in het boek veilig thuis zijn, ga ik naar buiten. Mijn dikke vest gaat uit, het is lekker warm in de zon. Ik ga spelen met mijn beesten.

Later die dag trek ik de deur achter mij dicht. Al mijn dieren hebben aandacht gehad en ze kunnen wel even zonder mij. Ik ga op stap voor een boek. Niet zo’n boek waarin ik alles zelf bedenk, maar één waarin echte paarden en mensen voorkomen. Ik maak het samen met een hele goede fotograaf. (De beste die er is.) We gaan op bezoek bij mensen die werken met paarden. Mijn fotograaf maakt foto’s en ik stel vragen. Zoveel mogelijk vragen, want ik wil alles, maar dan ook echt alles weten. Hoe meer antwoorden ik krijg, hoe beter mijn tekst wordt.
Ik verplaats me in het leven van een boer die het veld ploegt met paardenkracht. Vandaag heb ik geluk, ik mag zelf proberen hoe het is om met zo’n machtig dier te werken. Super-de-luxe geweldig gaaf!

Ook als ik niet aan het werk ben, staan mijn ogen en oren wijd open. Alles wat ik zie of hoor, kan een verhaal opleveren.
In mijn tas zit pen en papier. Want af en toe duikt er ineens een leuk idee op… Of ontmoet ik iemand wiens naam ik niet mag vergeten… Of schiet me dat ene woord te binnen waar ik al dagen niet op kan komen… Of, of, of…
Altijd en overal ben ik schrijfster. En als ik er zelf even niet aan denk, dan doet iemand anders het voor me.
Zo was ik laatst op de manege. Een meisje dat stond te kletsen met vriendinnen, zag mij aankomen en zei: 'Pas op daar heb je haar weer. Alles wat je nu zegt kan in een boek komen.'
En zo is het!

Nicolle Christiaanse
 

.
.