Jacques Vriens over...‘Villa Fien’ van Janneke Schotveld

Terug naar lijst
 

Villa Fien

Titel: Villa Fien
Auteur: Janneke Schotveld
Uitgeverij: Van Holkema & Warendorf, 2007
ISBN: 9789047502173
Illustraties: Annet Schaap

Terug naar lijst

Villa Fien - Janneke Schotveld

De boeken over ‘Superjuffie’ van Janneke Schotveld zijn erg populair. En terecht, want het zijn hartstikke leuke boeken.
Wat ik wel jammer vind, is dat kinderen vaak vooral boeken uit series blijven lezen (zoals bijv. ‘Superjuffie’), waardoor andere boeken van een schrijver minder aandacht krijgen.
‘Villa Fien’ was het eerste boek van Janneke en dat vond ik meteen erg goed. Het is grappig, spannend en een beetje wild.
Het vertelt het verhaal over Kaatje die af en toe gek wordt van haar poetsende moeder. Ze moet regelmatig op de ijskast of het dressoir zitten, zodat ze de vloer niet vies maakt. Gelukkig komt Gijs van de supermarkt af en toe langs om boodschappen te brengen. Hij weet een fijnere plek voor Kaatje om te wonen en brengt haar op een dag naar een kindertehuis.
Daar wordt ze ontvangen door Fien, een mevrouw in een donkerrode fladderjurk en wilde rode haren. Fien is erg aardig en ze vindt rommel in huis juist heel gezellig. En niet te vergeten de dieren die in en om ‘Villa Fien’ lopen.
Er wonen ook nog een paar kinderen bij Fien.
Pim waarvan de vader zeeman zou zijn; Kleine Deesje die door Fien is gevonden in de ballenbak van een warenhuis en Bleke Willem, die is ‘komen aanlopen’ .
Kaatje voelt zich er al snel thuis en leert ook de andere kinderen steeds beter kennen.
Dan verschijnt op een dag de inspecteur van het ministerie van Gewezen-wezen en die vindt het maar een puinhoop. Wat wil je ook: als de inspecteur in gesprek is met Fien komt de kleine Deesje binnenrennen om trots te melden dat ze weer een letter heeft gepoept.
En zo zijn er nog veel meer dingen die de inspecteur afkeurt. Hij is ook helemaal niet te spreken over het onderwijs dat de kinderen krijgen. Iedere morgen geeft Fien zelf les in het gezellige klaslokaaltje van de villa , maar ook buiten tussen de dieren en de moestuin. En als ze bijvoorbeeld aardrijkskunde gaan doen, mag een van de kinderen met een pijltje naar de wereldkaart gooien. Het land wat geraakt wordt, is dan het onderwerp van de les.
De inspecteur wil het tehuis sluiten want ‘u voldoet niet aan de eisen van het ministerie.’ Hij vindt het er vies, rommelig en de kinderen onopgevoed.
Dan verzinnen Fien en de kinderen een spannend (en ook wel gevaarlijk) plan om de inspecteur tegen te houden, maar dát ga ik natuurlijk niet verklappen.

Het allerleukste van het boek vind ik dat de kinderen zichzelf mogen zijn van Fien. Natuurlijk moeten ze ook rekening met elkaar leren houden, maar daar zorgt Fien wel voor.
Ook de manier waarop ze lesgeeft, vond ik bijzonder. Fien vertelt veel, maar geeft kinderen ook de kans zelf dingen te ontdekken.
Ik weet trouwens zeker dat als je het boek gaat lezen, je blijft doorlezen. Dat had ik ook, want ik was zo benieuwd hoe het zou aflopen.

Jacques Vriens.

.
.