Wim Hofman over...‘Al mijn later is met jou’ van Edward van de Vendel

Terug naar lijst
 

Al mijn later is met jou

Titel: Al mijn later is met jou
Auteur: Edward van de Vendel
Uitgeverij: Querido, 2004
ISBN: 978 90 451 0149 1
Illustraties: Rotraut Susanne Berner

Terug naar lijst

Edward van de Vendel heeft veel verstand van gedichten, denk ik. Hij is niet alleen zelf een dichter, maar hij heeft ook een heel mooi boek met gedichten van allerlei andere dichters samengesteld. 'Al mijn later is met jou' heet het grote boek. Meer dan honderd gedichten staan erin! En wat voor gedichten! Het begint voorin al goed, met lekker onzinnige teksten. Hier is er een:

'Ele mele mink mank
Pink Pank
Use buse ackadeia

Eia weia weg'

Het is verzonnen door Hugo Ball en het zou heel goed een aftelversje kunnen zijn. Er zit wel meer onzinnigs en grappigs in het boek. Zo vind je even verder een gedicht van Joke van Leeuwen dat je moet mompelen als je niet in slaap kunt komen. Het gaat zo:

'de slome slak slaapt in de slappe sla
de slome slak slaapt in de slappe sla'

Dit gaat zo een tijdje door, net zo lang tot dát gebeurt waar je op hoopte.

Niet alle gedichten zijn alleen maar grappig. Er zijn er die grappig zijn en serieus tegelijk. Er staan ernstige gedichten in het boek en droevige. Er staan gedichten in over verliefd zijn of kwaad of over God. Er staan ook gedichten in van beroemde buitenlandse dichters. Maar bijna alle gedichten in het boek zijn verrassend en zorgen dat je anders gaat denken of anders naar dingen gaat kijken.
Het fijne van zo'n boek is ook dat je het niet meteen hoeft uit te lezen.

Je hoeft ook niet bij het begin te beginnen. Je kunt het zomaar openslaan en dan dat lezen wat je toevallig voor je ziet. Je kunt ook een gedicht uitzoeken dat bij je stemming past. Edward van de Vendel heeft de gedichten wel in een bepaalde volgorde gezet, maar hij zal het je niet kwalijk nemen als je er ergens zomaar een gedicht uit pikt.

Je kunt natuurlijk ook alleen maar naar de plaatjes kijken. Want er staan erg veel mooie en gezellige plaatjes in het boek. Ze zijn gemaakt door Rotraut Susanne Berner. En zo te zien heeft ze veel plezier gehad in het tekenen en kleuren en schilderen. Als ze bijvoorbeeld bij een gedicht over een kat een tekening moet maken, tekent ze niet zomaar één katje, maar wel twaalf. En als ze dan nog een illustratie bij een gedicht over een poes moet maken kan ze het niet nalaten er wéér zoveel bij te tekenen!
Maar ook de andere dingen die ze tekent zien er plezierig uit: de kleurige vogels, de rennende mensen en rennende honden met paaseieren op hun kop, de zonnen en manen en raketten en vliegtuigen en tijgers.

Tot slot een gedicht dat ik van buiten wil leren. Dat moet kunnen.

'vijf en dan ik

deur open
eentje naar buiten
eentje naar binnen
vier en dan ik

deur open
eentje naar buiten
eentje naar binnen
drie en dan ik

deur open
eentje naar buiten
eentje naar binnen
twee en dan ik

deur open
eentje naar buiten
eentje naar binnen
daarna ben ik

deur open
eentje naar buiten
zelf naar binnen
dagdokterhallo'

Het gedicht werd ooit geschreven door Ernst Jandl en werd uit het Duits vertaald door Edward van de Vendel. Hij is niet alleen dichter en boekensamensteller, maar ook nog vertaler!

Wim Hofman.
 

.
.