Zonder liefde ben je nergensKarel Eykman

Terug naar lijst
 

Zonder liefde ben je nergens

Titel: Zonder liefde ben je nergens
Auteur: Karel Eykman
Uitgeverij: De Harmonie, 2003
ISBN: 978 90 616 9679 7
Illustraties: Sylvia Weve

Terug naar lijst

In één ogenblik

Karel Eykman heeft al een heleboel gedichten geschreven. Maar altijd zijn er nog onderwerpen waar nog nooit over geschreven is of waar de dichter toch weer iets nieuws over weet te schrijven. Hoe vaak is er al niet geschreven over kinderen die met speelgoed spelen? En toch verrast Eykman ons. Lees bijvoorbeeld het gedicht ‘Groot geworden dinky toys’ maar eens over een jongen, die ‘Toen ik klein was’ met speelgoed speelde en later ‘Nu ik groot ben’ ontdekt dat dat speelgoed gegroeid is tot een enorm grote wereld om hem heen: ‘Mijn speelgoed is mij nu ontgroeid / in plaats van andersom.’ Tja!

Die ‘ik’ in het gedicht zal wel een jongen zijn, want het gedicht staat in de afdeling Zoon. De bundel bestaat namelijk uit vijf afdelingen: Dochter, Zoon, Vrouw, Man en Zonder liefde ben je nergens. Hé, Eykman heeft een vrouw, een dochter en een zoon! De opdracht voorin het boek en de aantekeningen achterin wijzen er inderdaad op dat we hier te maken hebben met het gezin van de dichter. Daar heeft hij voor deze bundel dus zijn onderwerpen gevonden. Nu zijn er vaak leuke gebeurtenissen of ernstige problemen die voor andere mensen misschien helemaal niet interessant zijn, maar hier heeft de dichter die zaken zo geschreven, zo onder woorden gebracht dat ze toch voor iedereen interessant zijn en je ook nog - en dat vooral - kunt genieten van de manier waarop hij alles beschreven heeft.

Voorbeelden? Er zijn regels waar je na het lezen nog goed een tijdje over na kunt denken. In ‘Overwerk ’s nachts’ staat de zin: ‘Ik word zo moe van wat ik in mijn dromen doe / zo kom ik nooit aan morgen toe.’ En even verder: ‘Ik ben al moe van wat ik in mijn dromen morgen doe / zo kom ik nooit aan overmorgen toe.’ Jaja! Maar je kunt natuurlijk ook lekker wegdromen op de mooie klanken in ‘Balinese gamelan’: ‘Die slanke klanken van verlangen / die lang en langzaam blijven hangen. Door dat zoetig gezoem vergaat je droevig gevoel / in één ogenblik’. Inderdaad, ‘in één ogenblik’, alsof gedichten met veel a’s en oe’s kunnen toveren.

De titel van de bundel staat in de Bijbel, in een brief van Paulus die schrijft dat je nooit moet spreken zonder liefde. De dichter breidt het zelfs nog uit: ‘Zonder liefde ben je nergens.’ En in het gedicht met die titel, in het laatste gedicht in het boek schrijft hij zelfs: ‘Zonder liefde ben ik nergens / zonder jullie stel ik niets voor.’ De eerste zin van dit gedicht: ‘Al blies ik trompet … maar had de liefde niet / dan klonk het toch net / als toeters en bellen’ is door Sylvia Weve, die in dit boek veel mooie tekeningen gemaakt heeft, prachtig verbeeld met een muzikant. Uit zijn trompet komt een hart met een liefdespijl erdoor. Eigenlijk zou je alle gedichten in deze bundel als liefdesgedichten kunnen lezen.
 

Gerard B. Berends.
 

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.