Zo kreeg Midas ezelsorenMaria van Donkelaar

Terug naar lijst
 

Zo kreeg Midas ezelsoren

Titel: Zo kreeg Midas ezelsoren
Auteur: Maria van Donkelaar
Uitgeverij: Gottmer, 2018
ISBN: 978 90 257 7005 1
Illustraties: Sylvia Weve

Terug naar lijst

Het zijn net mensen

Ken je het verhaal van Icarus die vleugels van bijenwas kreeg en te dicht bij de zon kwam? Of van Koning Midas die wenste dat alles wat hij aanraakt in goud verandert? Heel lang geleden schreef de Romeinse dichter Ovidius verhalen over goden en helden. Deze verhalen zijn opnieuw verteld in ‘Zo kreeg Midas ezelsoren’.

Wil je de klassieke mythologische verhalen leren kennen of er juist op een nieuwe manier over lezen? Dan is dit boek echt een aanrader. De schrijfster Maria van Donkelaar schrijft geen lange lappen tekst, maar grappige korte verhalen in dichtvorm. Je kunt het lekker hardop lezen als een rap. Bijvoorbeeld over Orpheus die zijn geliefde Eurydice uit de onderwereld wil redden:

‘Of door twijfel, of uit liefde,
draait de zanger zich tóch om.
Hades’ raad is hij vergeten
en dat was een beetje dom.’

Orpheus is daarna ontroostbaar en zweert de vrouwen helemaal af. Dat vinden de vrouwen niet leuk en ze vermoorden hem:

‘Takkenwijven!’ Dat roept Bacchus.
‘Wraak voor deze lynchpartij!’
En hij laat de wilde vrouwen
wortelschieten in de klei.

In de prenten van Sylvia Weve zie je dat de vrouwen veranderd zijn in boze bomen met hun voeten diepgeworteld in de grond. De illustraties versterken in elk verhaal de komische teksten. Ze zijn overdreven getekend, vaak buiten de lijntjes ingekleurd en de gezichten van de goden, nimfen, helden of monsters spreken boekdelen. Soms zie je zelfs meer dan in de tekst staat, zoals de verbeelding van de zomer- en wintertijd in het verhaal van Proserpina. In de winter zie je haar bij Hades in de onderwereld en is het op aarde koud en guur en in de zomer zie je haar lekker buiten zitten bij haar moeder en is het heerlijk weer op aarde. De tekeningen zijn soms zoekplaatjes waar je elke keer weer meer in ontdekt. 

In dit boek leer je de eigenaardigheden van de goden kennen. De goden zijn net mensen. Er wordt ruziegemaakt, ze zijn verliefd, hebzuchtig, ijdel of arrogant. Narcissus bijvoorbeeld is verliefd op zijn eigen spiegelbeeld en verandert aan de waterkant in een narcis. In elk verhaal komt er zo’n gedaanteverwisseling voor. Daarom heeft Ovidius zijn boek ‘Metamorfosen’ genoemd. Wel verwarrend is dat zowel Griekse als Romeinse godennamen door elkaar worden gebruikt. Jupiter is bijvoorbeeld de Romeinse oppergod, maar Hades is de Griekse naam voor de god van de doden.

Gelukkig kun je alles achterin opzoeken. Niet alleen het verschil in de namen, maar ook het verschil tussen goden, helden, wezens en monsters. En bovendien zie je in een hele mooie afbeelding de relaties van alle Romeinse goden. In het midden oppergod Jupiter die wel acht vrouwen had!

Een prachtig groot boek om vaak te bekijken. Het leeslint leg je natuurlijk bij je favoriete metamorfose.

Loes.

Leestip: Hou je van verhalen uit de klassieke oudheid? Bekijk dan ook de special ‘Een Mythologische soap’.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.