Waar was Hans?Ienne Biemans

Terug naar lijst
 

Waar was Hans?

Titel: Waar was Hans?
Auteur: Ienne Biemans
Uitgeverij: Gottmer, 2012
ISBN: 978 90 257 5171 5
Illustraties: Ceceli Josephus Jitta

Terug naar lijst

Hans in wonderland

‘Waar was Hans?’ is een fijn boek. Waarom is het zo fijn? Het is lekker raar. Je weet niet wat er gaat gebeuren. Op elke bladzijde staat een gek plaatje waar je om kunt lachen.

De lijntjes om het lijf van Hans zijn los getekend. Alsof hij zo buiten zichzelf kan stappen. En misschien doet Hans dat ook wel een beetje. Hij drinkt een hele fles met knaloranje limonade en dan overkomt hem van alles. Hij weet niet wat hij voelt of waar hij is. Zijn benen zijn lam. Hij slaapt en loopt door een doolhof. Hij verandert in een walrus. Hij verandert in een zeemeermin. Hij ontmoet een goede fee en twee vervelende meisjes. Hij wijst zichzelf de weg.

‘Waar was Hans?’ is goed geschreven. Het helpt je bij het leren lezen en is daarom niet te moeilijk. Maar dat wil niet zeggen dat het boekje makkelijk is! Je weet nooit wat Hans op de volgende bladzijde gaat meemaken.

Daar gingen we dan.
We volgden een mooi graspad.
De grond golfde zacht onder mijn voeten.
Het ging heuveltje-op, heuveltje-af.
Het gras veerde, zo licht liep ik.

De woorden zijn steeds goed gekozen. Je voelt dat het klopt en dat het fijn klinkt. En je wilt daar ook wel even lopen, waar Hans is.

Bloemen waaiden open.
Bomen zwaaiden.
Blaadjes begonnen te ritselen.
Beekjes te stromen.

In de plaatjes zit vaart en beweging, of juist mooi veel rust. En het leuke is dat alles kan. Hans heeft zes benen of tien ogen, de deur golft, zijn oren zijn groot of zijn tong is heel dik en dan is zijn hoofd weer dieppaars. Het plaatje staat in het wit van de pagina, maar tegelijkertijd kun je er heel veel omheen bedenken. Je ziet de wereld voor je waar Hans in is verdwaald. Je hebt zelf ook een dikke tong, je sleept met je benen, je voeten zijn loodzwaar, je ziet alles ondersteboven, je zigzagt als een dunne slang door een smalle, lage gang. Je zoekt de weg terug door het doolhof. Maar het enige wat je echt zal helpen is slapen, heel diep slapen. Zal Hans zijn bed bereiken?

‘Waar was Hans?’ voelt als een dronken koortsslaap, als wakker worden en niet weten waar je bent en als de gewone verwarring die bij overdag rondlopen hoort. Het is mooi dat het boekje geen duidelijke les meegeeft en je niet probeert te waarschuwen voor allerlei mogelijke toverdrankjes- en pilletjes. Op een heldere en eenvoudige manier wordt beschreven wat Hans meemaakt en dat sleurt je mee in zijn ervaring. Niet voor niets kreeg ‘Waar was Hans?’ een Vlag & Wimpel van de Griffeljury.

Nog meer van die mooie woorden en zinnen lezen? Ga dan op zoek naar ‘Ik leer je liedjes van verlangen en aan je apenstaartje hangen’ van Bette Westera en Sylvia Weve

Lotte.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.