Eend voor eendGuus Kuijer

Terug naar lijst
 

Eend voor eend

Titel: Eend voor eend
Auteur: Guus Kuijer
Uitgeverij: Querido, 1983
ISBN: 978 90 451 1189 6
Illustraties: Thé Tjong-Khing

Terug naar lijst

Lekker leven in de sloot

Eenden kunnen praten. Je denkt misschien dat ze maar wat raak snateren, maar dat is helemaal niet waar. Kijk maar naar Kareltje, Jaap, Gerdien, Hennie en alle andere eenden die in de sloot achter het huis van Guus Kuijer wonen. Ze kletsen wat af met z’n allen! En het prettige is dat meneer Kuijer deze eendentaal heel goed begrijpt. Daarom snapt hij wat er allemaal gebeurt, daar in die sloot. Welke eenden van elkaar houden, welke eenden met elkaar vrijen, waar ze broeden en wat voor drama het is als de eieren van Hennie geen van allen uitkomen.
Veel eenden kent hij al vanaf het moment dat ze uit hun ei kropen. Kareltje was bijvoorbeeld het jongste eendje uit het nest van Kaatje. Hij zat nog in het ei toen zijn moeder met alle broertjes en zusjes naar de sloot vertrok voor de eerste zwemles. Guus Kuijer nam het ei mee naar huis, legde het onder een warme lamp en wachtte tot het uitkwam. Al snel kreeg dat kleine eendje gezelschap van twee weeseieren. Daaruit kropen Hendrik en Gerdien. Toen ze twee weken oud waren, mochten ze voor het eerst even naar de sloot:

Kareltje, Hendrik en Gerdien dribbelden opgewonden achter me aan. Voor het eerst van hun leven kwamen ze buiten. Ai, wat is het gras groen en moet je die lucht zien!
Heb jij wel es zo’n blauwe lucht gezien?
Bij de sloot ging ik op de grond zitten. De pullen schaarden zich om mijn rechterlaars en keken sprakeloos naar het enorme wateroppervlak.
‘Durf jij d’r in?’
‘Ga jij maar eerst.’
‘Ik kijk wel uit. Misschien zitten d’r enge beesten in.’

Kareltje, Hendrik en Gerdien groeien op tot volwassen eenden. Een jaar later krijgt Gerdien zelf een nest, met dertien pullen! Zo heten kleine eendjes: pullen. En als je ‘Eend voor eend’ leest, leer je nog veel meer over eenden. Je leest wanneer een mannetjeseend, een woerd dus, zijn jeugdveren aflegt en zo’n mooie groene kop krijgt. Je leert wat een vrouwtje vier weken lang allemaal doet als ze op haar eieren zit te broeden. Je snapt hoeveel gevaren er dreigen voor pullen: eksters, katten, kraaien en ratten lusten allemaal best zo’n klein eendje. Nee, het leven van een eend is niet altijd even gemakkelijk, dat weet jij voortaan ook.

Voor ‘Eend voor eend’ kreeg Guus Kuijer in 1984 een Zilveren Griffel. Het boek is grappig en tegelijk bloedserieus; de eenden gaan voor je leven alsof ze in een sloot bij jouw eigen huis zwemmen. Let ook op de mooie illustraties van Thé Tjong-Khing. De pulletjes die hij tekent zijn lieve, onhandige pluizige balletjes. Je zou ze zo willen aaien. Een voor een. Eendje voor eendje.

Lidewij.
 

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.