DuivelskruidMarita de Sterck

Terug naar lijst
 

Duivelskruid

Titel: Duivelskruid
Auteur: Marita de Sterck
Uitgeverij: Querido, 2018
ISBN: 978 90 214 1437 9
Illustraties:

Terug naar lijst

Met de duivel op de hielen

Verhalen over de duivel werden vroeger ingezet om kinderen bang te maken. Dat werkte ook goed bij Tanne in ‘Duivelskruid’ van Marita de Sterck. De angst voor de duivel blijft haar zelfs achtervolgen als ze allang geen kind meer is. Tanne doet er alles aan om zichzelf te beschermen en treedt in de wereld van de toverplanten. Haar omgeving ziet haar als een toverheks en daardoor leeft ze een afgezonderd leven. Tannes gevecht met de duivel wordt met de jaren erger. Ook haar dochter en haar kleindochter Yara trekt ze erin mee. Yara weet niet wat ze van alle verhalen over de duivel moet denken, maar ze voelt zich verantwoordelijk voor de zorg voor haar oma als het slechter met haar gaat. Het zorgen geeft Yara de kans om erachter te komen wat er allemaal waar is van de verhalen en wat de reden is dat haar moeder en haar oma zo’n moeizame band hebben.

In het begin is het even wennen dat ‘Duivelskruid’ geschreven is in het Vlaams: je moet overal wat meer bij nadenken. Vooral bij woorden die in het Nederlands niet voorkomen of als woorden op een andere manier gebruikt worden (denk aan ‘schoon’). Wanneer je eenmaal wat meer in het verhaal zit, dan sta je daar veel minder bij stil en wordt je meegesleept in de prettige en vlotte schrijfstijl van Marita de Sterck.

De eerste hoofdstukken zijn geschreven vanuit het perspectief van Yara, waardoor je het idee krijgt dat het boek om haar zal draaien. Ook de proloog maakt dit idee sterk. Maar al snel verschuift het perspectief naar dat van Tanne. Uiteindelijk zijn de meeste hoofdstukken vanuit haar geschreven. Het jammere is dat je daardoor Yara niet zo goed leert kennen en dat ze niet zoveel diepgang heeft, terwijl ze juist een erg interessant personage is.

Het verhaal begint met een proloog waarin Yara zorg draagt voor de laatste wensen van haar overleden oma. De proloog is zo mysterieus geschreven dat het direct vragen oproept en aanspoort om verder te lezen. Dat blijft het gehele verhaal zo door de sterke spanningsboog. De proloog vormt eigenlijk de afronding van ‘Duivelskruid’, maar geeft geen extra inzichten na een herlezing: lang niet alle vragen worden beantwoord. Het open einde heeft daar ongetwijfeld mee te maken. Toch voelt het ook alsof niet alles helemaal is uitgedacht, doordat niet alle in de proloog uitgezette lijntjes zijn voortgezet. De proloog maakt wel dat je je tijdens het lezen afvraagt of er iets waar zou kunnen zijn van Tannes verhalen over de duivel. Maar daar zal je een eigen antwoord op moeten bedenken, het boek laat dit namelijk geheimzinnig in het midden.

Suzan.

Leestip: Als het waar is van Tara Altebrando laat je ook constant nadenken over wat echt zou kunnen zijn en wat niet.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.