De rode vogelAstrid Lindgren

Terug naar lijst
 

De rode vogel

Titel: De rode vogel
Auteur: Astrid Lindgren
Uitgeverij: Hoogland en van Klaveren, 2003
ISBN: 978 90 896 7127 1
Illustraties: Marit Törnqvist

Terug naar lijst

Koude aardappelen, warme pannenkoeken

‘De rode vogel’ is meer dan een halve eeuw geleden geschreven door Astrid Lindgren, een beroemde schrijfster die je misschien wel kent van ‘Ronja de Roversdochter’ of ‘De gebroeders Leeuwenhart’. In 2003 werd het verhaal opnieuw uitgegeven met prachtige prenten van Marit Törnqvist.

‘De rode vogel’ heeft grote bladzijden die mooi glad en vol van kleur zijn en waar je haast wel in zou willen stappen. Dan zou je ineens op het ijskoude bospad staan, waar de kinderen Anna en Mattias lopen om naar school te gaan. Of je zou naast ze zitten, terwijl ze de stal moeten uitvegen voor de boer bij wie ze wonen en voor wie ze zo hard moeten werken, of terwijl ze koude aardappelen eten. Maar misschien ben je er dan ook wel bij als ze de Zonneweide ontdekken, die prachtige tuin waar alle kinderen spelen, bootjes van boomschors maken en in de rivier laten drijven, waar vogels kwetteren in de bomen en waar het altijd naar lente ruikt. Die tuin waarin ook een Moeder is, die van alle kinderen houdt, pannenkoeken voor ze bakt, en bij wie ze veilig zijn.

In het begin van het boek zijn de kleuren van de prenten grauw en grijs. Anna voelt zich zwak van de kou en het harde werken en is bang dat ze zal sterven. Maar dan is daar dat felrode vogeltje dat de kinderen zo naar de kleurrijke prenten vliegt: lichtgroen en blauw en rood. Elke dag gaan Anna en Mattias na school naar de Zonneweide om met de andere kinderen te spelen, tot ze snel door het openstaande houten deurtje van de tuin en door het donkere bos moeten om weer terug naar de boer te gaan. Kleine Anna wordt steeds zwakker. Op een dag is ze bang dat ze dood zal zijn voor ze de Zonneweide bereikt. Marit Törnqvist tekent de kinderen in hun grauwe kleren linksonder in een prent die diepblauw is van de donkere nacht. Mattias heeft zijn arm om Anna heen geslagen. Op de achtergrond is het duistere bos. Over het blauw van de prent valt een mooie laag witte neerdwarrelende sneeuw en uit die laag komt rechtsboven in de hoek het rode vogeltje als een belofte tevoorschijn.

‘Ik heb nog nooit zo erg naar iets verlangd,’ zei Anna.
‘Nu ben je er,’ zei Mattias. ‘Nu hoef je niet meer te verlangen.’
‘Nee, nu hoef ik niet meer te verlangen,’ zei Anna.

In een paar simpele zinnen schrijft Astrid Lindgren het mooiste einde dat dit eenvoudige en ontroerende verhaal had kunnen krijgen. En op de laatste prent zie je de twee kinderen, vlak bij elkaar in de groene tuin die vol is van kleine rode vogeltjes, bij het dichte deurtje staan.

Lotte.

Nog een boek met van die mooie prenten van Marit Tornqvist lezen? Zie dan bijvoorbeeld 'Groter dan een droom'.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.