De katten van KopenhagenJames Joyce

Terug naar lijst
 

De katten van Kopenhagen

Titel: De katten van Kopenhagen
Auteur: James Joyce
Uitgeverij: Hoogland & Van Klaveren
ISBN: 978 90 896 7139 4
Illustraties: Wolf Erlbruch

Terug naar lijst

Onvervulde wens.

Je wil iets heel graag, iets heel gewoons. Dat vraag je aan je opa, die helemaal in Kopenhagen woont.

En dan krijg je een heel verwarrend antwoord en je wens wordt omgedraaid. Snap je er nog iets van?

‘Katten in Kopenhagen’, geschreven door James Joyce, is een boek dat je een paar keer gelezen moet hebben, voordat je begrijpt wat er wordt bedoeld. Je hebt dan ook de verborgen grap van het verhaal door. Dus even doorbijten.

Ook de tekeningen zijn heel apart. Ze zijn heel grof getekend, met gewoon kleurpotlood of krijt. De tekeningen zijn vaak niet ingekleurd. Het lijkt er zelfs op dat ze door een kind getekend zijn. Maar ook hier weer het verwarrende, ze zijn echt door een volwassen man getekend. Hij heet Wolf Erlbruch.

En nu dan het verhaal, zonder de afloop te vertellen, natuurlijk.

Stephen vraagt opa een kat uit Kopenhagen op te sturen. Per post… Maar er zijn geen katten in Kopenhagen, zegt opa. Wat heb je daar dan wel?

Veel vissen fietsen op straat. Vissen in gekleurde regenjassen en die rechtop lopen. En wat doen vissen met fietsen? Fietsen of vissen?

‘Er zijn ook veel, heel veel jongetjes, in rode kleren, die de hele dag rondfietsen met telegrammen en brieven.’ Maar er zijn geen politiemannen op staat. Wat doen die politiemannen dan de hele dag? In bed liggen, vieze sigaren roken en karnemelk drinken. En heel veel post lezen.

Als ze alles hebben gelezen, staan ze op en geven ze bevelen aan de jongetjes op de fiets die aan iedereen vertellen wat ze precies moeten doen. Het zijn wel bijzondere jongetjes, die jongetjes op de fietsen in rode kleren. Ken jij zulke jongetjes?

Maar… geen kat te bekennen, in heel Denemarken niet.

Dus draait opa het verhaal om. Als hij weer teruggaat naar Kopenhagen , neemt hij een kat mee. ‘En stel je dan eens voor als een kat ze laat zien wat ze moeten doen’. Maar wie is nu waar? Waar is opa en waar is Stephen? En wat laat de kat dan zien?? En aan wie???

Een boek vol vragen. En dat voor een boek met heel weinig tekst . Je kan bijna je eigen boek schrijven. Lees het boek nog maar eens en vul in plaats van de kat een ander dier in, of dat er veel konijntjes in rode regenlaarsjes op straat rondlopen. Of jongetjes in groene kleren die snoepbrieven en telegrammen rondbrengen. Dat zou wat zijn.

In ieder geval heeft de kat in dit boek een goed leven, want er is wel heel veel vis in Kopenhagen!! Die goeie oude opa toch.

Paula.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.