Alle hens aan denkBette Westera

Terug naar lijst
 

Alle hens aan denk

Titel: Alle hens aan denk
Auteur: Bette Westera
Uitgeverij: Hillen, 2002
ISBN: 978 90 767 6644 7
Illustraties: Barbara de Wolf

Terug naar lijst

Kijk uit wat je in je opstel schrijft - soms komt het uit!

Heb je ooit een opstel 'Wat ik wil worden en waarom' moeten schrijven? In het boek 'Alle hens aan dek' van Bette Westera moet Peter-Paul zo'n opstel maken. Hij wil piraat worden omdat piraten sterk zijn en een ooglap hebben en, het belangrijkste, omdat een piraat vrienden heeft 'die ook piraat zijn en daarom durft niemand ze te pesten met hun grote oren'. Zijn opstel valt in piratenhanden. De matrozen Hens 1, Hens 2 en Hens 4 en kapitein Krauw denken dat het een sollicitatiebrief is en sturen onmiddellijk een antwoord.

Peter-Paul, nu PéPé, is aangenomen als leerling-piraat op het schip Draculus Drie. Dat komt de piraten goed uit omdat Hens 3 verdwenen is. PéPé twijfelt een beetje maar gaat toch aan boord. Zo kan hij zijn droom waarmaken en ontsnappen aan zijn oppas met haar stomme regels.
Op een humoristische manier laat Bette Westera het leven op het schip zien. Alles gaat daar anders dan PéPé dacht: in plaats van naar de schoolmeester moet hij naar kapitein Krauw luisteren, hij moet zelf zijn ontbijt maken en bovendien moet hij zich alweer aan de regels houden:

'Nooit tegen de wind in plassen.
Nooit in je pyjama aan dek.
Niet aan het zoutwaterkraantje draaien.'

In het begin begrijpt PéPé niks van het leven op zee en maakt een heleboel fouten. Die fouten maken hem een levensecht en leuk personage. Het is maar goed dat PéPé fouten maakt anders zou hij veel te braaf zijn. Hij lost namelijk alle problemen op, vindt vermiste Hens 3 en bevrijdt zieke kinderen van hun gemene verpleegster.

'Alle hens aan dek' is zo mooi geschreven dat het voelt alsof je zelf aan boord bent: je ruikt de zee en je voelt de wind en de eenzaamheid van de zee; nergens land in zicht. Het is dan ook jammer, en zeker onnodig, dat Bette Westera in haar geestige verhaal zoveel woorden als 'hozen', 'giek', 'enteren', 'averij' en 'voorplecht' gebruikt. Als je niet weet wat die woorden betekenen moet je er zo vaak om vragen dat het na een tijdje vermoeiend is.

Ook gebeurt er wel erg veel in het boek. Met zoveel mensen op zoveel verschillende plaatsen dat je goed moet oppassen dat je niet in de war raakt. De zwart-witte illustraties van Barbara de Wolf zijn levendig en mooi. In het bijzonder de matrozen met hun stoere kleding en slecht verzorgde tanden zijn erg grappig.

Naast de kleine minpuntjes is het verhaal zo leuk dat je er, ondanks hoge schuimkoppige golven en de geur van levertraanolie en aangebrande havermout, echt niet misselijk van wordt. 

Ania.

Andere boeken van deze schrijver

Info over deze schrijver

.
.