BiografieKarlijn Stoffels

Terug naar lijst

Karlijn Stoffels werd op 24 juni 1947 in Amsterdam geboren en was een nogal dromerig meisje, dat stil en verlegen was. Dat dromerige wist ze goed te verbergen en aan de buitenkant kwam Karlijn dan ook als een stoere meid over. Als dingen haar niet bevielen, bijvoorbeeld op school, kwam ze daartegen in verzet. Karlijn komt uit een groot gezin, waar veel boeken waren. Ze las dan ook alles wat los en vast zat, waaronder ‘De Vijf’ van Enid Blyton. Haar leraar Nederlands zei tegen Karlijn dat ze schrijfster moest worden, maar dat zag ze toen niet zitten. Ze ging Frans en Nederlands studeren, maar Karlijn bleef schrijven. Vanaf haar achtste schreef ze eigenlijk altijd: reisdagboeken, gedichten en hoorspelen. Ook tekende ze graag. Ze was en is nog steeds goed in het schrijven van dialogen. En toen kwam het verzoek om een jeugdboek te schrijven. Zo debuteerde ze in 1996 met de jeugdroman ‘Mosje en Reizele’.

Karlijn schrijft boeken, waarin ze maatschappelijke problemen verwerkt. Zo vertelt ze in ‘Een-nul voor de autisten’ over de jeugdpsychiatrie en in ‘Stiefland’ over de behandeling van illegalen in Nederland. De schrijfster is erg betrokken bij de samenleving. “Als ik één dag de baas van Nederland was, zou ik willen dat alle regeerders in Den Haag een huis in een achterstandswijk betrekken, bijvoorbeeld in mijn eigen wijk Osdorp of in de Haagse Schilderswijk, met een salaris van een arbeider om zelf te voelen hoe moeilijk het is om rond te komen.”

Ondanks de serieuze onderwerpen in Karlijns boeken zijn ze niet zwaar en neerslachtig. Ze laat de lezers niet alleen met de problemen in haar romans. In ‘Rattenvanger’ bijvoorbeeld neemt ze de lezer aan de hand. Dit boek gaat over het meisje Lori dat troost vindt bij haar benedenbuurman, maar ook intieme dingen met hem doet, die ze eigenlijk niet wil. Karlijns kwaliteit is dat ze deze zware onderwerpen van de nodige humor voorziet. Haar taal is mooi en dat biedt troost.

Het leuke aan schrijven vindt Karlijn het gezelschap van alle personages en de avonturen die ze beleeft als ze schrijft. De taal is de eis voor een goed boek. Ze kan genieten van een mooie zin, van een mooie vondst, van de schoonheid van de taal: “de taal is de baas”. Haar boeken staan vol woordgrapjes en alliteraties*. Als ze schrijft, is ze er niet. Ze is dan daar in het verhaal. Als haar dochter dan thuiskomt en iets aan haar vraagt, schrikt ze. “Dat is gruwelijk, net alsof je uit een narcose ontwaakt”.

Bijzonder is ‘Marokko aan de plas’ over de Marokkaanse Issa, die als enige van zijn klas naar vmbo-groen moet: ‘de school met de ezel’. Door de ogen van Issa zie je hoe hij Nederland, zijn omgeving, zijn school en zijn vrienden ziet. Dit alles brengt Karlijn met een flinke dosis humor. Karlijn Stoffels is een van de weinige auteurs die boeken voor kinderen vanaf twaalf jaar schrijft, waarbij je, als je leest, hardop moet lachen. Omdat Karlijns boeken over maatschappelijke problemen gaan, zit er vaak ook een les in. Ze leert alleen de lezers geen lesje, maar de wereld. In ‘Een-nul voor de autisten’ bijvoorbeeld, een roman over Loes, die in een psychiatrisch centrum komt, kom je meer te weten over Karlijns mening over de jeugdpsychiatrie. “Leren is voelen,” zegt de schrijfster, “je voorstellen om bijvoorbeeld een kind te zijn zonder paspoort. Leren is niet een van buiten geleerd lesje opdreunen.” Dit leren van Karlijn komt ook in ‘Mosje en Reizele’ naar voren. Het laat niet de feitjes van de Tweede Wereldoorlog zien, die iedereen toch al kent, maar de roman gaat over hoe joden zich toen voelden.

Karlijns literaire wens is om ooit een ‘compleet’ boek te kunnen schrijven: een boek met een hedendaags thema, met magie, met een goed plot, met humor en mooi van taal. Haar grootste angst is, “dat ik op een morgen wakker word en voel: er zit geen boek in mij”.

 
Recensies op Leesfeest:
Titel Uitgeverij Soort boek Leeftijd
De verdwenen diamanten Querido, 2007 Dit is het eerste deel van ´De bende van de zwarte hond´, over vier vrienden die in een internaat wonen. 9+
Dwars door de storm Leopold, 2014 De Molukse Jacob woont het begin van de jaren vijftig in een opvangkamp in Groningen, waar hij bevriend raakt met de Groningse Tjakkie. 12+
.
.